Binnen het volume van een oud bruin volkshuis is een nieuwe kern gegroeid, een rood gepleisterde kern met togen, keuken en bergingen waarlangs zich aan 2 zijden en op 2 verdiepingen ontmoetingsruimtes bevinden en waarlangs alle circulatie wordt georganiseerd. Een grijs getegelde wand steekt vanaf zijn kromming bij het plein vooraan langs de rode kern tot achteraan in de tuin met het groene terras (in voorbereiding) doorheen de eerste ontmoetingsruimte: het eetcafé. Dezelfde wand, uitstekend achteraan, begeleidt bezoekers vanaf de parking naar de achterinkom. Staal en glas karakteriseren - samen met de grijze tegeltjes - de transformatie van zowel voor- als achtergevel: de bruine sfeer maakt plaats voor zon, licht, groen en transparantie. De grote zaal onder het eetcafé vangt ondanks zijn kelderpositie heel wat licht vooraan en staat achteraan rechtstreeks in relatie met het tuinterras. De 2 zalen aan de andere kant zijn elk voorzien van een foyer, rechtstreeks toegankelijk vanaf voor- en achteringang. Ze worden onderling verbonden door een lichte trapconstructie in een lichtschacht die in de benedenverdieping de keldersfeer wegneemt. Beton, grijze tegeltjes, staal, rode pleister en lichte verftinten zorgen voor de verdere verfrissing.